Europa

Portugal: bloedende lippen

26/03/2018

Portugal is een land van grote namen. Van Fernando Pessoa, José Saramago en António Lobo Antunes. Alle drie schreven ze meesterwerken, alle drie hebben ze iets te maken met de Nobelprijs (Saramago won, Pessoa had moeten winnen en Lobo Antunes gaat misschien ooit nog winnen), en alle drie vielen ze af voor dit project (het meedogenloze effect van regel 6 en 7).

De gedichten van Pessoa en de romans van Saramago kan ik wel aan iedereen aanbevelen (zeker Saramago’s De stad der blinden), en daarom was ik extra benieuwd wat Portugal nog meer te bieden heeft. Tussen al die grootheden moesten er haast wel talenten zijn die meer aandacht verdienen dan ze krijgen. De website van BOZAR, het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel, dacht er precies hetzelfde over en wees mij op Dulce Maria Cardoso, één van de belangrijkste hedendaagse Portugese schrijvers.

Een aantal van haar romans is in het Nederlands vertaald, zoals Violeta en de engelen en Keerzijde, maar ik werd gegrepen door de beschrijving van O retorno (2011), waarvan op dit moment alleen een Engelse vertaling beschikbaar is (The Return, vertaald door Ángel Gurría-Quintana). Het is het boek dat Cardoso móést schrijven, vertelt ze in een interview met Harrie Lemmens, en het boek dat haar lezerspubliek in één klap talloze malen vergrootte. Het onderwerp is een stukje Portugese geschiedenis dat vaak genegeerd wordt in de literatuur: het lot van de teruggekeerden, oftewel retornados.

Het begon met de Anjerrevolutie, die in 1974 een einde maakte aan vijftig jaar fascistische dictatuur van de Estado Novo. In de chaotische nasleep van de revolutie konden Angola, Guinee-Bissau, Sao Tomé en Principe, Kaapverdië en Mozambique eindelijk hun lang bevochten onafhankelijkheid opeisen. Voor de Portugezen die deze landen tot hun thuis hadden gebombardeerd, betekende dit een halsoverkop vertrek naar het ‘moederland’. Maar liefst vijfhonderdduizend mensen pakten hun biezen en keerden terug. Dulce Maria Cardoso was één van hen.

Zelf was ze een half jaar oud toen haar ouders naar Angola vertrokken en elf toen ze terugkeerden, maar in haar roman zien we de volksverhuizing door de ogen van de vijftienjarige Rui. Hij is een puberende jongen die onder druk van zijn vader een ‘echte man’ wil worden en zich afzet tegen de ‘typische meisjesdingen’ waar zijn zusje zich mee bezighoudt. En hij is nog nooit in Portugal geweest. Hij weet alles van Luanda, maar niks van Lissabon.

Het boek begint met een mix van tegenzin en opwinding, die samenkomen in de krachtige openingszin: ‘But there are cherries in the motherland.’ Rui is overigens vooral benieuwd naar de meisjes die deze kersen in hun oren dragen. Maar op de dag van vertrek gaat alles mis. Rui’s vader wordt meegenomen door Angolese soldaten en wanneer ze zonder hem aankomen in Portugal blijkt de ontvangst allerminst hartelijk. Rui, die in Angola niets anders gewend was dan racisme tegen zwarte mensen, begrijpt niet waarom de retornados als de boosdoener gezien worden.

De teruggekeerden zijn met zulke grote aantallen dat ze bij gebrek aan woonruimte met zijn allen in vijfsterrenhotels worden gepropt. Hele families delen één hotelkamer, waarvan de luxe uitstraling sterk afsteekt tegen de bizarre situatie. Door de onzekerheid over zijn vader en de zorgen om zijn zieke moeder, komt Rui in een neerwaartse spiraal terecht. Binnen heeft hij nergens ruimte voor zichzelf en buiten barsten zijn lippen van de kou. Dat moet de reden zijn dat er hier zo weinig gelachen wordt, denkt hij, want wie wil er nou lachen wanneer je lippen ervan gaan bloeden?

Cardoso’s eenvoudige taalgebruik wekt eerst de indruk dat Rui iets jonger is dan vijftien, maar daarna weet ze zijn stem goed te vangen. Ze rijgt haar zinnen aaneen met komma’s en laat aanhalingstekens achterwege, waardoor de tekst iets weg krijgt van één lange gedachtestroom en soms iets haastigs heeft, alsof Rui niet kan wachten om zijn verhaal te doen.

O retorno werd in Portugal zeer goed ontvangen en werd Boek van het Jaar in 2011. The Return, dat Cardoso in een interview met vertaler Gurría-Quintana liefkozend ‘ons boek’ noemde, ontving de English PEN Award. En terecht. Hun boek is een indrukwekkend verslag van wat het betekent om alles kwijt te raken en weer opnieuw te beginnen in een thuisland dat geen thuis is.

Dit vind je misschien ook interessant

6 Reacties

  • Reply Harrie Lemmens 27/03/2018 at 06:51

    Inderdaad, een prachtig boek en ik doe mijn best om een Nederlandse uitgever te vinden, wie weet lukt het nog een keer. Het wachten is nu op haar nieuwe roman, die dit jaar moet verschijnen: ‘Eliete’. Lees tot het zover is vooral ‘Violeta en de engelen’ Harrie Lemmens

    • Reply Anne Polkamp 27/03/2018 at 11:16

      Wat leuk dat u een reactie achterlaat. Goed om te horen dat er een Nederlandse uitgever gezocht wordt, dat verdient het boek zeker en ik kan me voorstellen dat dat veel vertaalplezier zou opleveren. Ik heb tijdens mijn zoektocht al veel goeds gelezen over Violeta en de engelen, en ook over Keerzijde trouwens, dus ik ben benieuwd.

  • Reply Sjef 29/03/2018 at 07:46

    Dat moet de reden zijn dat er hier zo weinig gelachen wordt, denkt hij, want wie wil er nou lachen wanneer je lippen ervan gaan bloeden?

    Alleen al om deze zin, wil ik dit boek lezen! Dank je wel, Anne.

    • Reply Anne Polkamp 29/03/2018 at 10:27

      Precies! Ik dacht meteen: dat moet in mijn stukje.

  • Reply Lidy Pelsser 31/03/2018 at 05:49

    Wat een aangrijpend verhaal, over de retornados. De retornados worden dubbel gestraft, denk ik. Niet alleen door de buitenwereld, maar wellicht ook door hun ‘binnenwereld’, omdat ze zich langzaam maar zeker gaan realiseren dat hun eerdere leven, dat ze waarschijnlijk als vanzelfsprekend goed ervoeren, in feite gebaseerd was op geweld, onrecht en discriminatie. Dat is misschien nog wel het moeilijkst om te accepteren, dat wat je denkt dat goed is, omdat je het zo gewend bent, eigenlijk hartstikke fout is. Net zoals mensen in Nederland er moeite mee hebben om te accepteren dat het fenomeen ‘Zwarte Piet’, waar velen van ons mee zijn opgegroeid, toch echt fout is.

    • Reply Anne Polkamp 01/04/2018 at 14:05

      Dat vereist inderdaad een beetje aanpassingsvermogen, en misschien kun je Rui wel niks kwalijk nemen omdat hij nog zo jong is. Maar toch klinkt het zo een beetje alsof het de witte Portugezen zijn die de slachtoffers zijn in deze geschiedenis, en niets is natuurlijk minder waar.

    Laat een bericht achter