Gabon: een ander soort feminisme

Tijdens mijn eerste zoektocht naar literatuur uit Gabon vond ik meer links naar Jan Brokkens reisverhaal De regenvogel dan boeken van Gabonese auteurs. Er is dan ook niet veel vertaalde literatuur beschikbaar uit dit Centraal-Afrikaanse land dat grenst aan Kameroen, Equatoriaal-Guinea en Congo-Brazzaville. Vergeleken met andere Franstalige Afrikaanse landen, zoals Senegal en Kameroen, kwam de geschreven literaire traditie er vrij laat op gang. De eerste Gabonese roman verscheen bijvoorbeeld pas in 1980. De roman in kwestie is Elonga, geschreven door Angèle Rawiri (1954-2010). Toen ik las dat zij niet alleen de eerste Gabonese romancier was maar ook nog eens feministische boeken schreef, besloot ik dat ik me geen betere auteur kon wensen.

Rawiri’s debuut is niet in het Engels vertaald, en dus las ik haar derde en laatste roman, die in 1989 verscheen onder de titel Fureurs et Cris de Femmes en door Sara Hanaburgh vertaald werd als The Fury and Cries of Women (2014). De hoofdpersoon is Emilienne, een zelfstandige, carrièregerichte vrouw die na haar studie trouwt met Joseph – ergens in de jaren ’80, ergens in Centraal-Afrika. Rawiri geeft het land de fictieve hoofdstad Kampana, alsof het verhaal zich overal in die regio had kunnen afspelen.

Emiliennes verhaal doet me denken aan Ayọ̀bámi Adébáyọ̀’s Stay With Me, mijn keuze voor Nigeria. Beide romans zijn een portret van een huwelijk dat door ongewenste kinderloosheid langzaam uit elkaar valt. Waar Adébáyọ̀’s Yejide überhaupt niet zwanger wordt, heeft Emilienne de ene na de andere miskraam, die Rawiri trouwens met een meedogenloze directheid beschrijft. Het enige kind dat Emilienne en Joseph krijgen is ‘maar’ een dochter, en zij wordt op jonge leeftijd vermoord.

Net als Yejide heeft Emilienne bovendien een schoonmoeder die de situatie alleen maar erger maakt. Josephs moeder is zo geobsedeerd door het idee van een kleinzoon, dat ze op een gegeven moment uit pure haat Emiliennes hond te lijf gaat. Het grote verschil met Stay With Me is dat het in The Fury niet alleen de schoonmoeder is die denkt dat een vrouw faalt als ze geen kinderen heeft, maar ook Emilienne zelf. Het moederschap is voor haar een teken van macht en ze vreest een tijd waarin de wetenschap mannen het vermogen geeft om zwanger te worden, ‘slyly attempting to rob women of their only power’.

Dat klinkt misschien misplaatst in een feministische roman, maar in haar nawoord legt de Amerikaanse literatuurwetenschapper Cheryl Toman uit dat empowerment van vrouwen door middel van het moederschap een belangrijke rol speelt in Afrikaanse feministische theorieën. Daar heeft ze een punt, alhoewel er ook andere soorten feminisme zijn in Afrika die tegenwoordig een belangrijke rol spelen (zie bijvoorbeeld deze blogpost van Minna Salami, een Fins-Nigeriaanse journalist en de oprichter van het invloedrijke feministische blog MsAfropolitan.com).

In ieder geval heeft Toman gelijk wanneer ze erop wijst dat Emilienne vrijwel altijd de touwtjes in handen heeft. Ze verdient meer dan Joseph, ze begint een relatie met haar secretaresse Dominique wanneer haar huwelijk op de klippen loopt (een relatie waarin niets is wat het lijkt, maar toch), en ook aan het einde van de roman trekt Emilienne haar eigen plan. Volgens Toman zijn er in de Afrikaanse literatuur maar weinig protagonisten zoals zij, behalve misschien Esi uit Ama Ata Aidoo’s Keuzes. Een Liefdesverhaal (mijn keuze voor Ghana).

Ik realiseerde me meteen dat Toman gelijk heeft. Beide romans vertellen het verhaal van een onafhankelijke vrouw met een goede carrière en een onzekere, jaloerse man; in beide gevallen valt hun huwelijk uit elkaar; en beide vrouwen kiezen uiteindelijk voor zichzelf. Emilienne en Esi hebben zelfs allebei een man die zich aan hen opdringt zonder dat ze dat willen. Maar – en daar wringt Rawiri’s feminisme toch een beetje – waar Esi dat ‘verkrachting binnen het huwelijk’ noemt, is Emilienne vergevingsgezind: zij ‘smelt’.

Het grootste verschil tussen Aidoo en Adébáyọ̀ aan de ene kant en Rawiri aan de andere kant, is misschien wel Rawiri’s schrijfstijl. Haar beschrijvingen neigen naar het melodramatische (‘Two big tears fell from the young woman’s lashes’) en omdat ze strooit met bijvoeglijke naamwoorden en bijwoorden, worden haar zinnen soms wel erg bloemrijk (‘Emilienne searched her failing memory feverishly for the pallid ghosts of the passionate love they’d once shared’). Bovendien lijken er soms wat tegenstrijdigheden in de tekst te zijn gekropen. Hier en daar wordt er plots van perspectief gewisseld of zijn er vreemde tijdsprongen binnen alinea’s. Op andere momenten gaan emoties binnen een nanoseconde van het ene naar het andere uiterste, zoals wanneer Joseph in de ene zin nog lacht en knipoogt en in de volgende zin ‘teeming with rage’ een tirade tegen zijn moeder afsteekt.

Ondanks deze schoonheidsfouten had ik dit boek niet willen missen. The Fury and Cries of Women werpt interessante vragen op over verschillende soorten feminisme en bovendien lijkt het net alsof ik het zusje heb gevonden van Keuzes en Stay with Me. En als dat geen goede boeken zijn…

4 Comments

  1. Goede keus, deze feministische roman, die ook nog eens aan het denken zet over het feminisme zelf. Maar dat wegsmelten als je eigenlijk niet wil, dat is toch wel een raar soort feminisme, eerlijk gezegd. Ik ga voor ‘stay with me’!!

    1. Dat onderdeel begrijp ik ook nog niet helemaal. Maar los daarvan heb ik naar aanleiding van dit boek heel wat geleerd over verschillende soorten Afrikaans feminisme, dat is dan wel weer interessant.

  2. Ik ga gelijk de blog lezen waar je naar verwijst, wil ook wel wat leren over Afrikaans feminisme, klinkt ontzettend interessant! Dank je wel voor de blog Anne, echt fijn zo mee te reizen!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *