Azië

Israël: bizarre beelden

16/01/2019

Afrika is bijna het grootste continent op aarde – niet qua oppervlakte (dat is Azië) maar wel qua aantal landen (dat zijn er minstens vierenvijftig*). Het kostte mij bijna elf maanden om van Marokko helemaal naar Egypte te reizen, waardoor ik pas eind december aankwam op een nieuw continent: Azië. Ik besloot dat deze nieuwe start het uitgelezen moment was om ook een nieuw genre uit te proberen. In mei las ik al een graphic novel (het prachtige Aya, geschreven door Marguerite Abouet en geïllustreerd door Clément Oubrerie), en in december voegde ik daar een graphic short story collection aan toe: Rutu Modans Jamilti and Other Stories (2008).

Modan (1966) verwierf in 2007 bekendheid met Exit Wounds, haar beeldroman over een vrouwelijke soldaat en een mannelijke taxichauffeur die de identiteit proberen te achterhalen van een man die omkwam bij een bomaanslag in Israël. The Times verkoos het boek tot één van de drie beste graphic novels van 2007 en een jaar later won het de Eisner Award for Best New Graphic Novel. Vanwege haar succes werden Modans oudere verhalen, vertaald door Noah Stollman en Jesse Mishori, in 2008 samengebracht in Jamilti.

Op het titelverhaal na werden alle verhalen al eerder gepubliceerd in bloemlezingen van Actus Tragicus, het Israëlische kunstenaarscollectief waarvan Modan één van de oprichters is. Samen overbruggen de verhalen een heel decennium uit Modans carrière, wat duidelijk terug te zien is in de verschillen in stijl en inhoud. Waar haar nieuwste werk ingehouden en realistisch is, experimenteert ze in haar oudere verhalen met het groteske en het bizarre. In ‘The Panty Killer’ doolt er bijvoorbeeld een seriemoordenaar rond die slachtoffers achterlaat met een onderbroek op hun hoofd. Het leidt tot komische, paginagrote afbeeldingen vol gemutste slachtoffers, maar ook tot bloederige moordtaferelen en vertrokken gezichten. Modan deinst er niet voor terug om het vreemde, lelijke en potsierlijke in beeld te brengen.

Ook ‘The King of Lillies’, het oudste verhaal, draait om een bizarre hoofdpersoon. Dit keer is het een op hol geslagen plastisch chirurg die elke patiënt de oren, neus, en lippen van zijn verdwenen geliefde Lilly geeft, totdat hij omringd is door vrouwen die er allemaal hetzelfde uitzien. De archaïsche stijl van de tekeningen past bij de begin-twintigste-eeuwse setting, een vooroorlogs Zweden. In het nawoord licht Modan toe dat ze lange tijd heeft gedacht dat rare verhalen alleen in verre landen en verledens konden plaatsvinden. Pas later realiseerde ze zich dat ook het echte leven bizar en grotesk genoeg is om over te schrijven.

Sindsdien laat ze haar verhalen vaak in Israël plaatsvinden. Het titelverhaal speelt zich af in Tel Aviv, waar een verpleegkundige eerste hulp biedt aan een Palestijn die een zelfmoordaanslag heeft gepleegd. Het is een heftige ervaring, die haar doet twijfelen aan haar relatie met haar nare, racistische verloofde. Modans tekenstijl is beheerster en minder gedurfd: bij dit werkelijkheidsgetrouwe verhaal passen strakkere lijnen en realistischer gezichten, zoals op de voorkant van de bundel.

In het hartverscheurende ‘Homecoming’, dat zich ook in Israël afspeelt, cirkelt er een vliegtuigje boven een kibboets aan de kust. Volgens de autoriteiten is de piloot hoogstwaarschijnlijk van plan om een aanslag te plegen, maar de oude Yoseph is ervan overtuigd dat zijn zoon Gadi, wiens vliegtuig acht jaar geleden werd neergeschoten boven Libanon, eindelijk is teruggekeerd. De familie verzamelt zich op het strand en Yoseph schrijft met grote letters ‘Welkom thuis’ in het zand. Modans eenvoudige, paginagrote tekeningen, die iets weg hebben van illustraties uit een kinderboek, weerspiegelen zijn naïeve vertrouwen.

De veelheid aan stijlen en verhalen in Jamilti bewijst hoe veelzijdig Modans talent is. Tegelijkertijd slaagt ze erin om een eenheid van de bundel te maken, bijvoorbeeld doordat bepaalde thema’s steeds weer terugkeren, zoals de effecten van politiek geweld, de relatie tussen moeder en dochter, en het mysterie van oude familiefoto’s. In haar nawoord legt Modan uit dat ze niet alleen een praktische reden heeft voor dat laatste thema (‘it is really fun to draw old photo’s’), maar ook een symbolische: ‘The photograph focuses on a moment in life but hides a bigger issue, which is much the same as making a comic’. Dat is inderdaad een passende beschrijving van Jamilti, want achter de momentopnames in Modans tekeningen gaan hele werkelijkheden schuil.

* Minstens? Yep, minstens. Inclusief Somaliland en Westelijke Sahara zijn er maar liefst zesenvijftig landen in Afrika. Voor de oplettende lezer die zich afvraagt waarom er op dit moment slechts eenenveertig landen in de balk hiernaast staan: dat komt omdat ik nog tien keer ga lezen wat ik niet las en omdat ik nog altijd op zoek ben naar boeken uit de Comoren, Djibouti en Tsjaad…

Dit vind je misschien ook interessant

2 Reacties

  • Reply Lidy 17/01/2019 at 05:42

    vroeger dacht ik dat ‘stripverhalen’ alleen bedoeld waren voor kinderen, maar sinds jouw blog, en dankzij Barbara Stok, weet ik nu beter!

    • Reply Anne 19/01/2019 at 11:46

      Jaaa, Barbara Stok is goed! Ik heb een paar maanden geleden speciaal gezocht naar beeldverhalen van over de hele wereld, om graphic novels te lezen uit allerlei verschillende hoeken.

    Laat een bericht achter